Positief leefklimaat: zoeken naar een balans

Positief leefklimaat voor cliënten met een lvb: wat is daarvoor nodig?

20 augustus 2021 , PR & Communicatie

Positief leefklimaat voor cliënten met een lvb: wat is daarvoor nodig?

Een positief leefklimaat zorgt voor een betere behandeling voor cliënten. Daar is al veel over geschreven. Maar hoe zit dat bij cliënten met een licht verstandelijke beperking? Wat voor omgeving hebben zij nodig om zich goed te kunnen ontwikkelen? En wat voor invloed hebben sociotherapeuten hierop? Elien Neimeijer, GZ-psycholoog bij Trajectum, deed hier onderzoek naar.  

Elien deed haar onderzoek bij de Radboud Universiteit in Nijmegen, waar ze op 15 september promoveert. Ze werd begeleid door Trajectum collega Robert Didden en Peer van der Helm. In onderstaand artikel leggen we kort en begrijpelijk uit waar Eliens onderzoek over gaat. Wil je meer weten of in de details duiken? Blader door het proefschrift of 

Het leefklimaat

Een veilige sfeer, steun van sociotherapeuten, de mogelijkheid om te groeien en je te ontwikkelen: een paar van de eigenschappen van een open en positief leefklimaat. Het leefklimaat kun je zien als de sfeer en situatie waarin cliënten op hun groep leven. Hun sociale en fysieke omgeving, noemen we dit. De kwaliteit van het leefklimaat wordt onder andere bepaald door de begeleidingsstijl van sociotherapeuten. Elien: “Onze cliënten krijgen therapie en volgen een dagprogramma met arbeidstherapie en verschillende activiteiten. Maar het grootste deel van hun tijd zijn ze op de leefgroep. Wat daar gebeurt, is een belangrijk onderdeel van de behandeling. Cliënten legden in de interviews uit dat het samenleven met mensen die vaak onvoorspelbaar en soms ook gevaarlijk gedrag laten zien op een plek waar de deuren op slot zitten, vermoeiend is en soms ook woede, angst of spanning oproept. Tegelijkertijd beschreven cliënten ook dat ze zich verbonden of soms zelfs thuis voelen op de groep, omdat zij het gevoel hebben dat ze erbij horen en de leefgroep hen gezelligheid en steun biedt.”

Speciaal voor lvb

Elien en haar collega’s onderzochten wat cliënten van Trajectum vinden van het leefklimaat op hun afdeling. “Peer van der Helm ontwikkelde de Prison Group Climate Inventory (PGCI). Deze vragenlijst meet de kwaliteit van het leefklimaat. Hiermee is in Nederland veel onderzoek gedaan naar het leefklimaat bij cliënten in allerlei vormen van residentiële zorg (behandeling in een instelling). Het is een waardevolle vragenlijst, maar hij is niet speciaal gemaakt voor mensen met een licht verstandelijke beperking (lvb). Daarom ontwikkelden wij een aangepaste vragenlijst, samen met Hogeschool Leiden. Deze lijst is beter te begrijpen door onze cliënten. Het taalgebruik is eenvoudiger en er staan minder vragen in.”

Luisteren naar cliënten

Daarnaast werden de cliënten geïnterviewd, zodat ze konden uitleggen hoe ze het leefklimaat ervaren. “In interviews konden cliënten meer uitleggen dan in een vragenlijst. We lieten ze vooral zelf vertellen over hun dagen op de leefgroep. Wat zijn prettige momenten, wanneer voelen ze zich ondersteund en wanneer niet, enzovoort. Soms vertelden ze over kleine en alledaagse zaken, zoals de keukenkastjes die op slot zitten of het kunnen kiezen van broodbeleg.

Op andere momenten vertelden ze over zaken die een grote impact op hun leven hebben zoals het verlenen van verlof of de verlenging van een TBS maatregel. Als we cliënten op de juiste manier vragen stellen en goed naar ze luisteren, zijn ze in staat om hele waardevolle informatie met ons te delen. Daardoor kunnen we het leefklimaat, en dus de behandeling, verbeteren. Een cliënt verwoordde in het interview bijvoorbeeld heel mooi hoe belangrijk het is dat de sociotherapie beschikbaar is en blijft: “Ik zeg heel vaak dat ik de begeleiding niet nodig heb. maar stiekem heb ik dat wel. Als ik zeg dat de begeleiding op moet flikkeren betekent dat eigenlijk dat ze bij me moeten komen.” 

"Als we cliënten op de juiste manier vragen stellen en goed naar ze luisteren, zijn ze in staat om hele waardevolle informatie met ons te delen"

Leefklimaat meten binnen Trajectum

"Het jaarlijks meten van het leefklimaat heeft een praktisch doel," vult Elien aan. “Zonder dat teams en cliënten betekenis geven aan- en reflecteren op de uitkomsten van de leefklimaat vragenlijst, is het gevaar dat de uitkomsten ‘lege containerbegrippen’ blijven. Aan de hand van factsheets wordt per team een gesprek gevoerd over de resultaten.  Worden de resultaten herkend? Wat vindt men er van? Kunnen de resultaten verklaard worden? Wat zijn verbeterpunten? En hoe kan hier gericht aan worden gewerkt?

Wat opvalt is dat het leefklimaat op veel afdelingen binnen Trajectum positief ervaren wordt door cliënten. Maar het behouden van een positief leefklimaat vergt ook investering. Binnen Trajectum worden de resultaten van het leef- en werkklimaat onderzoek verwerkt in een teamontwikkelplan. Het doel is om te komen tot een kwaliteitscyclus waarin het systematisch leren en reflecteren in teams een structurele plek krijgt. In gesprek met de teams binnen Trajectum wordt betekenis gegeven aan de uitkomsten van het onderzoek en kunnen specifieke interventies, werkvormen, teamcoaching, intervisie en supervisie worden ingezet wanneer hier behoefte aan is. 

Minder agressie

Met de informatie die werd verzameld met de leefklimaat vragenlijst werd onderzocht of de kwaliteit van het leefklimaat samenhangt met agressie en de inzet van onvrijwillige zorg op de leefgroep. In het onderzoek bleek dat een open en positief leefklimaat, waarin cliënten zich ondersteund voelen, zij mogelijkheden voor groei ervaren en zij de sfeer op de leefgroep als veilig en prettig ervaren, er minder agressie incidenten zijn. Wanneer cliënten veel repressie ervaren en er sprake is van een gesloten leefklimaat, zijn er meer agressie incidenten. Als er veel agressie incidenten zijn op een leefgroep, wordt er ook meer onvrijwillige zorg ingezet. Elien geeft aan dat wanneer sociotherapeuten regelmatig worden geconfronteerd met agressie, zij geneigd kunnen zijn om meer veiligheid te genereren door de nadruk te leggen op het beheersen van gedrag en cliënten te beperken in hun autonomie. Wanneer de vrijheid of autonomie van cliënten onwettig of willekeurig wordt ingeperkt, kan repressie ontstaan.

Repressie veroorzaakt stress bij zowel cliënten als medewerkers, leidt vaak tot meer agressie en instabiliteit en belemmert de effectiviteit van de behandeling. Dit staat haaks op wat eigenlijk de bedoeling is: onderlinge veiligheid en verbondenheid. Maar dit is makkelijk gezegd dan gedaan. Elke cliënt heeft bijvoorbeeld een andere benadering nodig bij spanningsopbouw. Eén cliënt vertelde bijvoorbeeld in de interviews dat hij het prettig vindt dat de begeleiding bij hem is wanneer hij gespannen is. Een andere cliënt zei heel stellig: “Ze moeten me alleen laten, dan heb ik rust nodig.” Het vinden van de juiste balans tussen afstand en nabijheid verschilt dus per cliënt en per situatie. 

Omgaan met dit ingewikkelde gedrag van cliënten vraagt veel professionaliteit van sociotherapeuten. “Om deze reden is het belangrijk dat sociotherapeuten geschoold worden in de functie en betekenis van vaak lang bestaande patronen van agressief gedrag en zich bewust zijn van de onderliggende psychische problemen. Daarnaast is het belangrijk dat zij als team in staat worden gesteld om te reflecteren op hun professionele handelen bij incidenten en de dilemma’s die zij dagelijks tegen komen in hun werk. Het is goed om het leefklimaat regelmatig te meten. En om deze uitkomsten naast de gegevens over agressie-incidenten en inzet van onvrijwillige zorg te leggen. Door als team te bespreken wat deze zaken met elkaar te maken hebben, kun je de kwaliteit van zorg op de leefgroep verbeteren.” 

"Het is goed om het leefklimaat regelmatig te meten"

Werkklimaat 

“Sociotherapeuten hebben een sleutelpositie in de vormgeving van het leefklimaat. Niet alleen moet het leefklimaat worden afgestemd op de specifieke kenmerken, behoeften en het functioneringsprofiel van cliënten. Tegelijkertijd wordt als doel gesteld om psychische klachten en risicovol gedrag te verminderen, waarbij sociotherapeuten risico’s en veiligheid scherp in het oog moeten houden. Van hen wordt dus verwacht dat ze kennis en kunde uit de forensische zorg, de psychiatrie en de zorg voor mensen met verstandelijke beperking weten te verbinden op de leefgroep".

"Om sociotherapeuten in staat te stellen om een prettig en veilig klimaat te creëren voor cliënten, is het ook belangrijk dat zij zich ondersteund en veilig voelen. Daarom was het belangrijk om niet alleen het leefklimaat te onderzoeken, maar ook het werkklimaat van de sociotherapeuten.” Wat hebben die twee met elkaar te maken? In de praktijk ziet Elien dat deze twee zaken onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden. In het onderzoek werd minder overtuigend bewijs gevonden, maar kwamen wel een aantal belangrijke verbanden naar voren tussen het leef- en werkklimaat. Zo blijkt dat hoe tevredener sociotherapeuten zijn over hun werk, hoe beter het team functioneert. En dat zorgt er weer voor dat cliënten minder repressie ervaren. Kortom: het is belangrijk om oog te hebben voor parallelle processen tussen het leef- en werkklimaat.

Behandelen en beveiligen 

"Maar dit alles klinkt eenvoudiger dan het is", legt Elien uit. “Je denkt al snel: het is toch niet zo gek dat sociotherapeuten ‘gewoon’ aansluiten bij wat cliënten nodig hebben. En natúúrlijk moet je zo min mogelijk onvrijwillige zorg inzetten. Maar een open leefklimaat bieden aan deze complexe doelgroep is niet makkelijk. Sociotherapeuten moeten tegelijkertijd behandelen en beveiligen. Aan de ene kant moet de cliënt zich voldoende veilig en ondersteund voelen om  zich te kunnen ontwikkelen en te kunnen profiteren van behandeling. Aan de andere kant moeten sociotherapeuten de veiligheid van cliënten en hun omgeving in de gaten houden. Het is zoeken naar een evenwicht tussen die twee taken, dat is ongelooflijk ingewikkeld. Daarom is het belangrijk om juist in de kennis en kunde van sociotherapeuten te investeren.” Elien wil graag mee blijven denken over hoe dit op een goede manier gerealiseerd kan worden binnen Trajectum. Ook blijft Trajectum onderzoek doen naar het leef- en werkklimaat, collega Abdullah Turhan borduurt in zijn promotie onderzoek verder op het onderzoek van Elien.     
 

Printer Friendly, PDF & Email